Een pastoor en een non spelen een partijtje tennis. De non speelt uitstekend, maar de pastoor mept er nogal een naast en elke keer als hij de bal mist roept hij: Verdomme! Mis!
Op een gegeven moment het de non te veel en ze verzoekt hem dringend de rest van het spel niet meer te vloeken. Beschaamd belooft de pastoor beterschap: God mag mij straffen en mij met zijn bliksem veranderen in een hoopje as als ik het nog een keer doe!
Het spel gaat verder totdat de pastoor andermaal zijn geduld verliest en vloekt: Verdomme! Mis! Ogenblikkelijk betrekt de hemel, donderwolken pakken zich samen en de bliksem flitst omlaag. De non wordt getroffen en verandert in een hoopje as.
Plots klinkt een dreunende stem uit de hemel: Verdomme! Mis!